Nieuws - ‘Mijn fotocamera is in zee gevallen’


Ammar - Human Library

De Syrische filmer en fotograaf Ammar woont sinds oktober 2015 in Tilburg. Hij ontvluchtte de oorlog, maar moest zijn familie achterlaten. Ik leen Ammar deze middag uit de Human Library. Hij zit tegenover me in levende lijve en deelt zijn verhaal met mij.

In een zachtmoedige oogopslag beantwoordt Ammar mijn eerste vraag. Hoe gaat het met hem vandaag? Hij voelt zich goed, ondanks een korte nacht, met weinig slaap, door onrust over achtergebleven familieleden. In de loop van ons gesprek ontmoet ik een jongeman die een gruwelijke oorlog is ontvlucht en meer dan een jaar onderweg is geweest. Vanuit Syrië is hij in Libanon op een vliegtuig gestapt naar Turkije. Daar leefde hij een jaar op straat, zonder geld en opvang. Ammar nam vervolgens de boot naar Griekenland, en is door Oostenrijk en Duitsland, te voet, met de trein en bus in Nederland beland. Ondanks deze heftige ervaringen wil Ammar vooral vertellen over zijn familie, mooie herinneringen en zijn nieuwe leven hier.

Ammar’s jongere zus woonde al voor de oorlog uitbrak met haar echtgenoot in Saoedi Arabië. Over haar hoeft hij zich geen zorgen te maken. Maar zijn ouders, oma en jongere broer zijn achtergebleven in Syrië. Het geld voor een vluchtroute van gemiddeld 1500 euro per persoon was op. Door de oorlog is het verdienen van dergelijke geldbedragen onmogelijk geworden. Ondanks Ammar’s zorgen en het gemis, klinkt hij niet verbitterd of ontmoedigd, integendeel. Enthousiast haalt hij herinneringen op, onder andere aan zijn oom, de broer van zijn moeder. Ammar’s oom woont in de Verenigde Emiraten en werkt daar als ingenieur. Tijdens een bezoek aan Syrië in 2006 gaf hij zijn neefje een eerste fotocamera en ook een tweede, professionele in 2011. ‘Toen ik de doos opende en de prachtige camera zag, voelde ik me intens gelukkig!’, aldus Ammar.

Het fotograferen van landschappen werd Ammar’s meest geliefde bezigheid, naast zijn universitaire studie in geologie en het gezellig samenzijn op vrije dagen met de familie. Maar ook het praten over zijn oma, de inmiddels 73-jarige moeder van zijn moeder, brengt hem in een optimistische stemming: ‘I had two mothers’, zegt hij lachend en liefdevol! Het huis van oma lag op loopafstand van Ammar’s geboortehuis. Dagelijks was het hele gezin bij haar over de vloer. Omdat iedereen toch graag ook met oma in een huis wilde wonen, besloot Ammar’s vader een nieuw huis te bouwen. ‘In 2011 was het klaar en trokken we erin’, vertelt Ammar. Zijn gezichtsuitdrukking verandert: blijdschap maakt plaats voor zorg en verdriet. ‘Helaas hebben we er niet van kunnen genieten, omdat tegelijkertijd de oorlog uitbrak.’ Bovendien vernietigde een vliegtuigbom in diezelfde tijd het halve huis van zijn oma.

Een herinnering die weer een lach op Ammar’s gezicht brengt, gaat over het Nederlandse voetbalelftal. Hij komt er zelf mee. ‘Toen ik opgroeide, was ik fan van het nationale voetbalelftal van Nederland. Ik ken ze allemaal nog hoor! Van Nistelrooij, Bergkamp, Stam.’ Ammar zat aan de TV gekluisterd tijdens internationale wedstrijden om ‘zijn’ club aan te moedigen.

Tijdens de bootreis van Turkije naar Griekenland is Ammar’s fotocamera in zee gevallen. Maar gelukkig heeft hij een filmcamera kunnen lenen om een korte film te maken over zijn nieuwe woonplaats. ‘Omdat ik een Syrische vluchteling ben, wilde ik Tilburg laten zien zoals ik het beleef, als dank aan de Nederlandse mensen in een magische stad.’ De film was tot zondag 10 april te zien in het Peerke Donders Museum. Ammar heeft inmiddels ook een eigen YouTube kanaal waarop de film te zien is.

Ammar is ondanks zijn gedwongen vlucht optimistisch en zit vol met plannen om zijn leven weer op te bouwen. Hij wil zijn studie geologie oppakken en verdergaan met  fotografie en film. Aan zijn inzet en toewijding zal het niet liggen. Zo heeft hij in Turkije binnen een half jaar de taal geleerd, in de hoop dat hij dan kon studeren. Maar geldgebrek, geen onderdak en begeleiding dwongen hem om alsnog verder Europa in te trekken.

Hij vertelt hoopvol over zijn verblijf in Nederland. De opvang ervaart hij als gastvrij en ondersteunend. ‘Er is me onderdak gegeven en ik mocht een filmcamera lenen!’ Bovendien houdt hij van het Nederlandse eten, in het bijzonder van stamppot. Hij heeft er vertrouwen in dat het hem hier gaat lukken om zijn studie op te pakken. Een bijdrage kunnen gaan leveren aan de samenleving, dát is zijn voornemen. Dat wordt opgepikt want het fotografiemuseum FOAM in Amsterdam heeft hem uitgenodigd om portretten te komen fotograferen tijdens een bijeenkomst op 5 mei. Ondertussen appt hij dagelijks met zijn oma, moeder, vader, zusje en broertje. Vooral over zijn 22-jarige broertje maakt hij zich grote zorgen. ‘Ik ben bang dat hij wordt gedood als het me niet lukt om hem uit Syrië weg te krijgen.’ Ammar’s ogen raken omfloerst. Hij draagt zijn achtergebleven familie mee in zijn hart, en dat weegt zwaar.

Reflecterend op het lezen van dit menselijke boek, zoek ik in Google naar de betekenis van de naam Ammar. Ik lees terug wat ik heb beleefd. Ik heb iemand ontmoet met een sterk karakter, iemand die me met waardigheid tegemoet treedt en respect en compassie oproept. Hij verdient het om deel te nemen aan onze samenleving. Mensen als Ammar verbreden ons perspectief op samen leven en verrijken ons met alles wat ze met zich meebrengen aan talenten.

Tekst: Cora Westerink (meer info: www.corawesterink.eu)

De Human Library werd georganiseerd door de Bibliotheek Midden-Brabant, Academic Forum en studieverenigingen Animo en Complex op de campus van Tilburg University op woensdag 30 maart 2016. In november 2016 vindt de volgende editie plaats.
The following two tabs change content below.

Corine Kaijim

Laatste berichten van Corine Kaijim (toon alles)